Multitasken: sneller werken of niets meer gedaan krijgen?

multitasken

Multitasken heeft een goede naam, en we kijken allemaal vol bewondering naar collega’s die er – schijnbaar moeiteloos – in slagen om tegelijkertijd hun inbox leeg te houden, een presentatie voor te bereiden én naar een conference call te luisteren. Voordat je hen als een kip zonder kop achternaholt, stel je jezelf beter de vraag of multitasken wel écht zo’n goed idee is en of je ook effectief meer werk gedaan krijgt op die manier.

Multitasken is een illusie

Als je je afvraagt hoe het komt dat jij de enige lijkt die moeite heeft om twee dingen tegelijk te doen, kunnen we je meteen geruststellen. Het zal je misschien verbazen, maar de meeste werknemers (maar liefst 98% van de bevolking) zijn bijzonder slecht in multitasken: ze multitasken namelijk niet écht, maar laten hun aandacht gewoon de hele tijd van de ene naar de andere taak verspringen.

Geef je brein wat tijd

Hoewel het pure tijdswinst lijkt om twee dingen op hetzelfde moment te doen, is het tegendeel waar. Omdat je brein zich tussen elke taakwissel weer even moet aanpassen en moet focussen, kost multitasken meer tijd dan je ermee uitspaart. Je kent het gevoel vast wel: als je je lange tijd op één taak kunt concentreren, kun je vlotter doorwerken. Dit proces in kleine stukjes opkappen en er een andere opdracht tussendoor nemen, schiet niet op – hoe verleidelijk het misschien ook is.

Slimmer werken: terug naar ‘singletasken’

We zijn het zo gewend om overspoeld te worden door prikkels (en om er ook telkens even aan toe te geven), dat je op één taak concentreren veel moeilijker is dan je denkt. Enkele tips voor meer productiviteit:

• Je mailbox sluiten als je een belangrijke taak wil afwerken
• Laptops toeklappen tijdens vergaderingen (of ze niet meenemen, tenzij je ze echt nodig hebt)
• Smartphones uitzetten als je geen telefoontjes moet aannemen voor het werk